Wat milieu en duurzame interesse betreft, loopt Nederland graag voorop. Als lid van de EU heeft ons land op de Klimaattop van Kopenhagen eind vorig jaar haar engagement bevestigd om in 2020 20% minder CO2 uit te stoten. Al gaan er stemmen op om het Europese reductiedoel van 20% naar 30% te verhogen, feit is dat deze reductielat in het Klimaatakkoord tussen de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en het Rijk in 2007 reeds hoger werd gelegd. De volgende ambitieuze klimaatdoelstellingen werden hierin namelijk afgesproken: (1) een reductie van 30% in 2020 van de uitstoot van broeikasgassen (waaronder CO2) ten opzichte van 1990, (2) een energiebesparing van 2% per jaar en (3) een aandeel van 20% hernieuwbare energiebronnen in de opwekking van energie in 2020.
Aangezien het verkeer goed is voor zo’n 20% van alle CO2-uitstoot, zijn op het vlak van duurzame mobiliteit belangrijke stappen te nemen. Naast een goede bereikbaarheid, betekent duurzame mobiliteit ook het zorgen voor een veilige, schone en gezonde leefomgeving. Verder draagt duurzame mobiliteit ook bij aan het oplossen van grensoverschrijdende problemen op het vlak van klimaat, energie en grondstoffen. De huidige mobiliteit is echter niet duurzaam. De bereikbaarheid van steden en bedrijven staat onder druk en het verkeer eist in stedelijke gebieden steeds meer ruimte op. Met de groei van het autoverkeer, neemt de druk op milieu en klimaat steeds verder toe en komt onze energievoorzieningszekerheid en daarmee ook onze welvaart en economie in het gedrang. “We moeten aan nieuwe doelen werken om mobiliteit in balans te brengen met de behoeften en mogelijkheden van de mens, de aarde en de natuur”, concludeert het Kennisplatform Verkeer en Vervoer (KpVV).
Toch merkt het KpVV op dat de uitwerking van duurzame mobiliteit in het regionale en lokale mobiliteitsbeleid nog flink achterloopt. In haar ‘Visie op duurzame mobiliteit’ zet de KpVV het belang en de mogelijkheden van duurzame mobiliteit uiteen en ziet ze vooral een ‘transitie naar schone voertuigen en energie’ en een ‘shift naar minder en slimmer vervoer’ als belangrijke pijlers voor een succesvol duurzaam mobiliteitsbeleid.
Zo zullen we met z’n allen massaal moeten overstappen naar andere vormen van mobiliteit. We zullen vaker moeten lopen of de fiets nemen en moeten kiezen voor duurzame auto’s op basis van elektriciteit of gas. Deze ‘transitie naar schone voertuigen en energie’ zal bijdragen aan een schonere lucht en stiller verkeer. Maar transitie alléén is niet in staat om snel genoeg het CO2- en energiegebruik te reduceren of een oplossing te bieden voor de huidige bereikbaarheidsproblemen. We zullen ook gewoonweg minder en slimmer moeten reizen en efficiënter en zuiniger moeten omgaan met (groene) energie. ‘Het Nieuwe Werken’ met uitlopers als telewerken, thuiswerken, videoconferences, webcasts en webinars kunnen ons veel verplaatsingen besparen. De sleutel voor het succesvol implementeren van duurzame mobiliteit ligt in het organiseren van slim reizen (mobiliteitsmanagement), slimme logistiek (volle voertuigen), een goed en toegankelijk openbaar vervoer en goede fietsvoorzieningen.



